|
Als er iets niet mag ontbreken op deze site is het wel een verhaaltje over zwembad Het Ei. Ik had het Mastbos in een vorig verhaal onze achtertuin genoemd. Het Ei kun je beslist onze voortuin noemen. Wat hebben we daar een tijd in doorgebracht!
Hoewel we daar heel vaak kwamen viel het nog niet mee om hier een verhaal over te schrijven, immers veel bijzondere dingen gebeurden daar niet. Elke nieuwe dag was weer dezelfde als de vorige. Ik ben begonnen met aantekeningen te maken met gebeurtenissen uit mijn tijd uit de beginjaren vijftig. Samenvattend was dat eigenlijk niet erg interessant voor een verhaal. Doch het was een belangrijke lokatie voor onze buurt, zeker in die jaren en heb er het volgende van gemaakt:
Het meest opvallende aan Het Ei was het aparte jongens- en meisjesgedeelte. Wij wisten toen niet beter, maar wat een achterlijke situatie was dat! Als je met ’n heel gezin daar naar toe ging werd je alleen toegelaten als de meisjes rechtsaf gingen en de jongens naar links. Was je het daar niet mee eens, kon je weer terug naar huis. Een goed alternatief was “De Prinsenplassen” in het Mastbos, daar was het wél gemengd zwemmen. Bovendien was er ook een speeltuin bij. Dat was helaas wel enkele kilometers van huis, maar ook daar was het goed vertoeven. Er waren nog een paar plekken, alwaar je naar toe kon. Maar deze waren redelijk ver zoals: Surae, De Warande, Bosbad Hoeven en later ook zwembad Wolfslaar. Opvallend was ook dat het in het meisjesgedeelte van Het Ei altijd veel drukker was dan bij ons.
Het fijne van Het Ei was het zandstrand. Dit was een ideale plek vooral voor de kleine kinderen, die konden hier fijn in spelen en lekker knoeien met water. De badindeling was alsvolgt: Het eerste gedeelte was voor de kleintjes, dat grensde aan het terras. De bodem liep met een flauwe helling naar achter, waarbij je goed kon inschatten wanneer het wat dieper begon te worden. Als je op het diepste punt was aangekomen, nabij de glijbaan, kon je nog gewoon staan. Bij het middelste stuk liep de bodem ook gelijkmatig hellend naar achter, doch helemaal links kon je niet meer staan. Dit was mijn favoriete gedeelte. Het derde gedeelte, het diepe, was uiteraard alleen bedoeld voor hun die konden zwemmen. Er was daar ook een glijbaan en duikplank. Tussen deze zwemgedeelten had je een smalle betonnen loopbrug met leuning (zie foto). Weliswaar alleen bedoeld voor de badmeester, maar daar maakte ook iedereen gebruik van. De indeling van het meisjesgedeelte was spiegelbeeld aan die van de jongens. De afscheiding tussen deze twee baden was ook weer een betonnen loopbrug waarbij tussenin een betonnen muur, met in het midden een deur, waar alleen de badmeester gebruik van mocht maken, om zodoende snel van het ene naar het andere bad te kunnen komen.
Een groot nadeel van Het Ei was dat het een natuurbad was. Er werd wel voortdurend vers water toegevoegd en weer afgevoerd maar toch vond ik het altijd stinken. Dit gold ook voor die andere natuurbaden. Vooral kinderen namen het niet zo nou en piesten gewoon in het water. Ik kan nog herinneren dat ik in Het Ei, al wadend door het water plotseling wat drijvende drollen op me af zag komen.
|
|
|
Aan beide kanten nabij de ingang was een terras. Daar stonden tafeltjes en stoelen. Maar hoe druk ook in het bad, er waren daar maar zelden mensen te zien. Op de eerste plaats vond ik het daar zeker niet gezellig en ten tweede in die tijd gaven de mensen daar ook nog geen geld aan uit, want consumptie was daar verplicht.
De beheerder van zwembad Het Ei was in die tijd de heer v.d. Brink. Dat was een man met veel charisma en zag er altijd donkerbruin gebrand uit. Dat viel altijd nog extra op omdat hij altijd witte kleren droeg. Ook de badmeester in die tijd zag er zo uit. Beide waren heel streng overkomende figuren.
De toestanden met die kleedhokjes vond ik een regelrechte puinhoop. Ten eerste was de vloer altijd “zeiknat” en je moest je na het uitkleden al je kleren aan een soort van uitgebreide stalen kapstok ophangen. Die moest je dan weer afgeven door het deurtje die toegang gaf tot de bewaakte garderobe daarachter. Je seinde hiervoor door die ronde stok linksboven naar binnen te duwen, zodat ze daarbinnen zagen dat je klaar was met omkleden. Je kreeg dan een muntje mee met een getal erop, dat overeen kwam met de plaats alwaar je kleren werden opgehangen. Je kon er dan ook maar beter voor zorgen dat je dat muntje niet kwijtraakte anders kwam je echt in de problemen. In veel van deze hokjes had je bovendien ook nog diverse “voyeurgaatjes” zitten. Het allerergste was de tijd als je naar huis toe wilde. Het kon bij deze kleedhokjes zo druk zijn dat je wel eens ’n uur moest wachten alvorens je aan de beurt was. Aan de kop van deze hokjes was een open doucheruimte, maar dat was gewoon koud water. Daar kon je zeker niet onder gaan staan. Hij was slechts geschikt om je ’n beetje mee af te kunnen spoelen. Om je voeten af te spoelen was er een betonnen goot voor de hele rij kleedhokjes, alwaar stromend water in liep. Deze goot werd juist door de kleine kinderen gebruikt om water uit te halen voor het maken van “zandkastelen” e.d.
|
|
|
Bij de ingang was tegen de muur een bord bevestigd waarop de temperatuur van het water stond vermeld, ik dacht in Fahrenheit. Het was altijd een fijn gevoel als je daar aan kwam en het een “hoge waarde” aangaf. Logisch natuurlijk, want warmer water is natuurlijk altijd wat fijner om in te zwemmen. Een paar keer per week kwamen er ook altijd grote groepen militairen daar zwemmen. Die verkleedden zich gewoon achter de garderobe’s en lieten hun kleren daar gewoon liggen. Daarna verzamelden zij zich op het strand, vaak wel zo’n 50 stuks. Gezamenlijk zetten zij zich dan op een lopen richting water en onder luid geschreeuw kwamen ze dan allemaal tegelijk in het water terecht. Dat vond ik altijd een zeer imposant gezicht. Dat hebben de meisjes uiteraard nooit gezien!
Ik had vroeger een abonnement voor Het Ei. Als je overdag al was geweest, was er natuurlijk ook weer simpel de mogelijkheid om in het begin van de avond nog even terug te gaan om een paar baantjes te trekken. Je nam dan alleen je zwembroek mee en die stopte je dan in een opgerolde handdoek. Die hield je dan onder je arm en ging zo op weg en weer terug. Heel veel deden dat op deze manier. Ook werden er in het begin van de avond wel eens waterpolowedstrijden gehouden in het diepe. Ik vond dat altijd leuk om naar te kijken.
Er was nog een probleem in Het Ei. Er waren praktisch geen plaatsen waar je in de schaduw kon zitten. Bij een heel warme en zonnige dag liep je veel risico op verbranding. Dat is mij en vele anderen overkomen. Je ging er pas veel last van krijgen als je weer thuis was. Ik ben ook wel eens getuige geweest van een verdrinkingsdood in Het Ei, maar heb het daar liever niet meer over. Alleen het woord al!
Eigenlijk kende Het Ei meer nadelen als voordelen, maar als kind vond je dat niet zo belangrijk. Het was toch wel prettig vertoeven en lekker dichtbij.
|
|