Stoeptegels als dominostenen


Er was eens een moment in de jaren vijftig dat er nieuwe kabels in de straat moesten worden aangelegd. Voor de Oranjeboompleinbuurt waren deze allemaal gesitueerd onder het trottoir. Als ze tegenwoordig sleuven gaan graven ter plaatse van de stoep, dan beginnen ze meestal op een maandag en zorgen er dan voor, dat vóór de zaterdag het hele zaakje weer af is. Doch in de vijftiger jaren werd dat allemaal nog niet zo goed gepland. Tegen het eind van de week gingen ze de stoep openbreken. Ze pakten het gelijk grootschalig aan. De hele Rubensstraat, Oranjeboomplein, het stuk Oranjeboomstraat en de Verlaatstraat, dus precies de hele blok werd ontdaan van ’n hele lange strook stoeptegels. Ik weet ook nog, toen al deze tegels waren verwijderd, althans naast de sleuven gelegd, dat men toen ook alvast begon met kuilen te graven. Tegenwoordig hebben ze er zo’n mooie graafmachine voor, die al het zand tot een bepaalde diepte eruit haalt. Doch in die tijd werd dat nog gewoon door een aantal grondwerkers er met een schop uitgehaald. Ook zaterdagochtend werd hier toen nog aan gewerkt. Immers, een vijfdaagse werkweek bestond toen nog niet. Vanaf zaterdagmiddag tot maandag waren ze dan vrij. Het hele weekend lagen toen de stoepen opengebroken. Ja, nou kun je wel nagaan, dat werd dus feest voor de jeugd uit onze buurt. Ten eerste de hele kleintjes hadden het hele weekend een ‘zandbak’ voor de deur en konden toen naar hartelust daarin spelen. Het was ook nog geel zand en daar werd je niet zo vuil van. Bovendien dat gele zand was juist ideaal om zandkastelen van te bouwen. Maar de wat oudere kinderen gingen dan met de stoeptegels een fort maken. Best wel een beetje link natuurlijk, maar werden door de ouders toch wel min of meer in de gaten gehouden. Het gebeurde toch allemaal voor de deur.

Ja hoor, toen kwam Frans van Noort met een lumineus idee. Zoals gewoonlijk waren wij toch bij hem in de buurt en hij opperde het idee om al die stoeptegels op zijn kant te gaan zetten. Zodra dit gebeurd zou zijn, was het de bedoeling een eerste tegel om te gooien en zodoende kreeg je dan een kettingreactie, waarbij dan alle tegels die waren opgesteld, in de vier voornoemde straten, zouden gaan omvallen. Het zogenaamde domino-effect zeg maar. Zou Frans van Noort niet de uitvinder geweest kunnen zijn van dat domino-effect? Het zou best wel eens kunnen. We waren zeker wel met een man of twintig bij elkaar en ieder van ons droeg zijn ‘steentje’ bij. Maar je moest de tegels natuurlijk wel goed op zijn kant zetten, want ze vielen toch wel snel om en dan moest je weer helemaal opnieuw beginnen. Het duurde vrij lang om ze allemaal op zijn kant te krijgen. Ten eerste de tegels waren best wel zwaar en er waren altijd wel kinderen die ‘roet in het eten gooiden’ om stiekem toch een tegel om te gooien en dan was alles weer voor niks. Zowat de hele zondag zijn we toen beziggeweest om ze allemaal op een rij proberen te krijgen. Uiteindelijk is het toch niet gelukt, want steeds was er weer iemand die leuk dacht te zijn en weer maar eens ’n tegel omgooide. In principe was het natuurlijk een vrij onschuldig vergrijp, maar zodoende mislukte toch helaas het plan. Wel lukte het ’n keer om ’n hele rij opgesteld te krijgen, precies van de winkel van Van Gool tot de Kock toe. Dat was best een prachtig gezicht om die stenen een voor een te zien omvallen en daarna vonden we het welletjes. Toen zijn we ook maar een fort van stenen gaan bouwen en de rest ging in het zand spelen.

Toen ’s maandags de werklui weer verder wilden gaan, zagen ze tot hun verbazing dat al het uitgegraven zand min of meer was verdwenen en over een groot gebied verspreid lag tot over de straat zelfs aan toe en moesten ze enkele vrachtwagens laten aanrukken met nieuw zand. Eigen schuld, dan hadden ze maar niet op een vrijdag moeten beginnen!

Kees Wittenbols, Februari 2007