|
't Ventje, inmiddels een man geworden van in de zeventig, is Breda trouw gebleven en mag zo van tijd tot tijd ook nog wel eens door de Oranjeboompleinbuurt fietsen. Niet veel keer meer behoeft er een “allo oewist” te worden gezegd. Maar ja, het is dan ook al bijna 50 jaar geleden dat hij in de Rembrandtstraat woonde.
Waar is de tijd gebleven dat er op straat werd gevoetbald, al was het dan wel met een oud tennisballeke.
Waar is de tijd gebleven dat brandgangen tussen de Weerijssingel-Rubensstraat-Rembrandtstraat allemaal vrij toegankelijk waren voor de “bandietenstreken”.
Aan dit alles moest hij denken toen hij onlangs langs de Weerijssingel kwam, op de fiets natuurlijk. En wat zag hij: ook de laatste oude boom uit de jaren dertig was “omzeep”. De bejaarde treurwilg was niet meer.
Waar is de tijd gebleven dat er op het talud van de Aa of Weerijs bij elkaar drie populieren en een treurwilg stonden. Toen ’t Ventje nog een klein manneke was stonden ze daar al.
De takken van de treurwilg hebben het wel geweten. Wat kon je daar lekker aan slingeren. Wel goed vasthouden natuurlijk want de singel liep er vlak naast. En dat ging uitaard wel eens een keertje fout. Kopke onder dus!!!
De drie populieren zijn al vele jaren uit het gezichtsveld, maar de treurwilg hield het kordaat uit. Maar een van de laatste stormen is hem teveel geworden. Geknakt en hij gaf de geest.
Treurwilg: bedankt voor al die jaren!!
Nol Frishert, augustus 2007
|