Tramwegmaatschappij
Een bijdrage van: Kees Wittenbols en het archief van de BBA

Verschillende Noord-Brabantse tramwegmaatschappijen fuseerden in 1934 tot de N.V. Brabantsche Buurtspoorwegen en Autodiensten, kortweg de BBA. Het hoofdkantoor van dit bedrijf, met remise, staat in Princenhage. Eén van de tramwegmaatschappijen was de in 1880 opgerichte Zuider Stoomtram Maatschappij, de ZSM. Sinds 1877 was Breda per spoor verbonden met alle delen van Nederland en België. Een spoorverbinding voor Oosterhout ontbrak (en ontbreekt) echter. De ZSM opende in datzelfde jaar een tramlijn naar Oosterhout. Een tweede belangrijke tramwegmaatschappij was de Zuid-Nederlandsche Stoomtram Maatschappij (ZNSM) uit 1889. Deze ZNSM legde tramlijnen aan naar Antwerpen, Etten en Steenbergen én in 1892, een zijlijntje naar Leur. Voor het personenvervoer van en naar Leur was één paardentramrijtuig voldoende, maar voor het goederenvervoer van en naar de Leurse haven was deze lijn van grote betekenis. In Leur bevond zich een café waarop vol trots op stond geschilderd “Station Paardentram”. In 1899 kwam de tramlijn Rijsbergen-Meersel Dreef-Hoogstraten tot stand. Het grensstation bevond zich in Hazeldonk. Nog steeds ligt ten noorden van het industrieterrein Hazeldonk een fietspad, genaamd de Oude Trambaan.

Een stoomtramlocomotief met een personenrijtuig en bagagewagen van de ZSM
Paardentram van de Ginnekensche Tramweg Maatschappij in de Nieuwe Ginnekenstraat op weg van Ginneken naar het station Breda, omstreeks 1915. Een paardetram van de ZNSM op de Haagse Markt, omstreeks 1920